Sectormoment Folk 2026 - Het verslag

 

Op de afgelopen editie van het het sectormoment van het Flanders Folk Network legde moderator en host Begijn Le Bleu het spreekwoordelijke vuur aan de schenen van deze bekwame gasten: Nico Logghe (directeur Academie Ieper), Hannelore Valentin (muzikante), Joris Vanvinckenroye (muzikant, lesgever DKO en artistiek leider Cluster), Jeroen Laureyssens (muzikant en lesgever DKO). We vatten het geanimeerde en diepgaande gesprek voor u samen.

 

De folkscene is op de goede weg

 

Wie de evolutie van de folkscene in Vlaanderen en Brussel de voorbije jaren wat van dichtbij gevolgd heeft, weet dat er heel wat in beweging is. Het onderwijsaanbod groeide daarbij sterk, het aantal leerlingen aan Academies nam toe en er ontstonden steeds meer initiatieven die folk zichtbaar maken voor een breder publiek. Tegelijk blijven er uitdagingen op het vlak van doorstroming, speelkansen en professionele ondersteuning.

Een opmerkelijke groei in het onderwijs

 

Misschien wel de meest opvallende evolutie is de sterke uitbreiding van het aanbod Folk op de Academies in Vlaanderen. Waar folk ooit slechts in een handvol academies werd aangeboden, zijn dat er vandaag ongeveer twintig. Die groei vertaalt zich ook rechtstreeks in de leerlingenaantallen.

In de Academie van Ieper volgen ondertussen bijna honderd leerlingen een folkopleiding. Die trend is niet uniek voor Ieper, maar tekent zich af in vrijwel alle academies waar folk wordt aangeboden. 

Toch brengt die groei ook uitdagingen met zich mee. De pedagogische expertise binnen deze folkopleidingen blijft een aandachtspunt. Niet elke muzikant is automatisch ook een ervaren lesgever, waardoor de verdere uitbouw van didactische kennis belangrijk blijft.

Van pionierswerk naar een volwaardige opleiding

 

Ook in het hoger onderwijs is de situatie intussen sterk geëvolueerd. Hannelore behoorde tot de eerste lichting studenten in de Master Folk aan het Lemmensinstituut. Die opleiding was destijds echt pionierswerk: veel moest nog worden uitgedacht en ontwikkeld.

Hoewel deze opleiding vandaag steviger verankerd is, blijft er ook nu nog ruimte voor verbetering. Zo blijven heel wat vakken vertrekken vanuit de klassieke muziekbenadering. Muziekgeschiedenis bijvoorbeeld wordt nog voornamelijk vanuit de klassieke traditie gedoceerd, terwijl een vak als de geschiedenis van de folk een logische aanvulling of vervanger kan zijn. In buitenlandse opleidingen is dat vaker wel het geval.

Leren van het buitenland

Die verwijzing naar buitenlandse good-practices herkennen we in het verhaal van Jeroen, die zijn opleiding in Scandinavië volgde. Binnen die Scandinavische Nordic Master trekken studenten elk semester naar een ander land uit de Nordics. Deze master is volledig gericht op de folkscene, zeer gespecialiseerd en inhoudelijk sterk uitgebouwd. Bovendien is folk er veel sterker ingebed in de bredere cultuur dan in Vlaanderen. Deze internationale trajecten zijn niet enkel muzikaal waardevol, maar bieden ook kansen om een veel groter netwerk uit te bouwen waarop men later kan teren om speelkansen makkelijker te verzilveren.

Doorstroming is belangrijk, maar niet het enige doel

 

Joris ziet veel talent bij zijn leerlingen in het DKO, maar legt zijn focus niet op het vormen van toekomstige professionals. Niet elke leerling moet namelijk klaargestoomd worden voor een vervolgopleiding, dat is maar een - kleiner - aspect van de opdracht binnen dat DKO. Het is minstens zo belangrijk om jongeren te laten kennismaken met folk en hen de kans geven zich binnen die muziektaal te ontwikkelen.

Een bijkomende uitdaging is bovendien dat het DKO vandaag een breder aanbod aan folkinstrumenten aanbiedt dan het hoger onderwijs. Op masterniveau kunnen momenteel slechts een beperkt aantal folkinstrumenten worden gevolgd, waardoor sommige talentvolle leerlingen geen evident vervolgtraject vinden.

De kracht van een lokale verankering

 

Het succes van deze opleidingen aan de Academie blijkt vaak sterk verbonden met de lokale context. Ieper is daar een mooi voorbeeld van; van de ongeveer 2.000 leerlingen aan de Academie kiezen er een honderd voor folk. De nabijheid van Festival Dranouter speelt daarin zonder twijfel een belangrijke rol. Voor veel leerlingen vormt optreden op of rond Dranouter iets waar ze naar uitkijken. Die zichtbare link tussen opleiding en praktijk blijkt een krachtige motor voor enthousiasme en engagement.

Een gebrek aan cijfers

 

Ondanks de merkbare positieve ontwikkelingen blijft het moeilijk om een volledig beeld van de sector te schetsen. Er is vandaag te weinig cijfermateriaal beschikbaar om beleidskeuzes, ambities of ondersteuningsmaatregelen goed te onderbouwen. Inzicht en betere data zouden niet alleen de opleidingen maar ook de volledige folkscene kunnen helpen om gerichter te werken aan ondersteuning en ontwikkeling.

Speelkansen blijven de grootste uitdaging

 

Ook waar en wanneer opleidingskansen groeien blijft het een uitdaging om een professioneel parcours uit te bouwen en ervaart iedereen uit het veld een absoluut tekort aan speelkansen. Zelfs met een nieuw album onder de arm is het vandaag niet vanzelfsprekend om tien concerten te kunnen spelen, en dan wordt het moeilijk om een duurzame professionele carrière uit te bouwen. Daarom combineren veel muzikanten verschillende projecten tegelijkertijd en wordt lesgeven vaak een noodzakelijke aanvulling op het artiestenbestaan. Opvallend genoeg ontdekken veel muzikanten pas later dat onderwijs niet alleen een financiële noodzaak is, maar ook een passie op zich kan worden.

Meer ondersteuning en begeleiding nodig

 

Naast meer professionele speelkansen leeft er vandaag ook een vraag naar meer begeleiding. Vooral beginnende muzikanten hebben vaak nood aan coaching, en dit zowel op artistiek als zakelijk vlak. Zo probeert Cluster vandaag al in te zetten op contacten met afstuderende studenten. Via scouting, coaching en zakelijke ondersteuning probeert men deze jonge artiesten te begeleiden bij hun eerste stappen in het werkveld.

Toch blijft er een grote nood aan extra ondersteunende profielen binnen de folkscene: managers, technici, producers en andere professionals die artiesten kunnen helpen om hun carrière uit te bouwen.

Werken aan zichtbaarheid

 

Hoewel Vlaanderen heel wat kwalitatieve folkinitiatieven telt, krijgt de sector nog relatief weinig redactionele aandacht. Projecten zoals binnen de werking van Merode tonen nochtans hoe folk op een creatieve en eigentijdse manier kan worden geïntegreerd in bredere activiteiten. Ook op het vlak van communicatie, marketing en publiekswerking worden de laatste jaren duidelijke stappen gezet, al blijft daar nog steeds enige groeimarge.

Een positieve balans

 

Ondanks alle uitdagingen overheerst uiteindelijk een positief gevoel. De nood aan meer speelkansen, begeleiding, internationale uitwisseling en professionele ondersteuning is reëel. Maar tegelijk heeft de Vlaamse folkscene de voorbije jaren een indrukwekkend parcours afgelegd.

Nooit eerder waren er zoveel opleidingen, zoveel leerlingen en zoveel kansen om met folk in aanraking te komen. De fundamenten zijn sterker dan ooit. De volgende stap wordt om die groei in opleiding en talentontwikkeling ook te vertalen naar een duurzame en zichtbare professionele sector.

De conclusie van het gesprek was dan ook helder: ook al is er nog werk aan de winkel, de folkscene in Vlaanderen en Brussel bevindt zich zonder twijfel op een veel sterkere positie dan pakweg tien jaar geleden. Dat alleen al is een succesverhaal te noemen.

Vragen?

 

Heb je vragen over het sectormoment?

Contacteer ons gerust.

Zo zag het Sectormoment Folk eruit, door de lens van Lemke Dewolf.

Met de steun van

PlayRight-logo-lichtblauw.jpg